Typograaf, ontwerper en kunstenaar Pieter Ceizer is in alles een ras-Amsterdammer, maar vond zijn uitvalsbasis in Parijs. Na twintig jaar bevindt hij zich nu aan de top, op het kruispunt waar fashion en kunst samenkomen. ‘Voor ik het wist stond ik te proosten met Pharrell.’

Noem je me een kunstenaar? Nee, dat vind ik een te zware titel. Een kunstenaar zit maanden op een zolder te ploeteren op een doek’, zegt Pieter Ceizer stellig. ‘Ik vind artist een veel lekkerder woord. Dat kan een rapper zijn, iemand die tattoos zet of iemand die doet wat ik doe.’ Wat Ceizer precies doet? Hij maakt schilderijen, houten kunstwerken, beelden en lettertekeningen uit staal gesneden die kleurrijk zijn, zwaar leunen op zijn herkenbare typografie en vaak ook een hoopgevende of positieve boodschap uitstralen.

Skateboardcultuur

Het verhaal van Pieter Ceizer begint op het Amsterdamse Museumplein, waar hij als elfjarig jochie begint met skateboarden. Via het skateboarden rolt hij de wereld van graffiti en streetart in. ‘Ik zag gasten als Sender en DELTA heel vette dingen maken met letters en kleuren. Dat inspireerde mij om thuis ook aan de slag te gaan met het maken van mooie letters. Dat deed ik steeds fanatieker, tot het punt dat ik iedere dag wel met een stift of spuitbus op pad was om zelf dingen te maken.’

De hobby nam steeds serieuzere vormen aan, waarna Ceizer uiteindelijk besloot typografie en grafische vormgeving te studeren aan de kunstacademie in Den Haag. Zijn eerste medium – naast de muren van de stad – waarmee hij zijn eigen kunst communiceerde was de streetwear. ‘Ik maakte T-shirts voor vrienden, gewoon, voor de lol. Dat is een beetje uit de hand gelopen. Streetwear bleek voor mij een toegankelijke tool om mijn creativiteit wereldkundig te maken. Inmiddels heb ik denk ik, met eigen producties en samenwerkingen bij elkaar opgeteld, al meer dan een miljoen shirts gemaakt.’

Pieter Ceizer vertrekt naar Parijs

Tien jaar geleden besloot Ceizer de Nederlandse hoofdstad te verruilen voor de Franse. Hij moest voor werk al vaak in Parijs zijn en dacht op een goed moment: let’s go. ‘Het was een gok, ik moest mijn volledige comfortzone verlaten. In Amsterdam had ik vrienden van het oude Museumplein, in Parijs had ik vooral kennissen via werk. Zelfs mijn relatie liep stuk, dus ik heb mijn leven opnieuw uitgevonden. Maar de gok heeft goed uitgepakt.’

Via via kwam hij terecht in een, laten we het netjes houden, niet zo chique buurt. Het appartementje dat hij huurde, gaf tijdens de bezichtiging een duidelijke vibe af. Het was vies, rauw en kaal. Aan de hand van de woning constateerde Pieter Ceizer dat de vorige bewoner twee mogelijke scenario’s was overkomen: of hij zat in de bak, of hij was dood. Overal sigarettenpeuken en een ijzeren pull-upbar in een deuropening waren daar de stille getuige van. ‘Toch voelde ik dat Parijs de ruimte en energie gaf om te doen wat ik wilde.’

Crackhouse in de banlieue

Ceizer vertelt verder: ‘Ik had echt he-le-maal niks. Ja, een matrasje op de grond in de hoek van mijn ex-crackhouse, haha. Van een plank en twee schragen had ik een bureautje gemaakt om aan te werken op mijn laptop. In eerste instantie gebruikte ik gratis internet van de stad, dat iedere twintig minuten uitviel. Als niemand weet wie je bent, is er ook niemand die je tegenhoudt in wat je wil doen en hoopt te bereiken. Er bestaan geen verwachtingen over jou, dus kun je er helemaal voor gaan.’

Inmiddels woont Pieter Ceizer samen met zijn vrouw (een Parijse dame die hij negen jaar geleden oppikte bij een housewarming) in een fijn huis en heeft hij op een half uurtje fietsen een mooie atelierruimte om te werken. De artiest omschrijft zijn leven als ‘een soort oneindig cool tripje naar Parijs, dat nu al tien jaar bezig is’. Klinkt niet verkeerd. Al zijn er genoeg momenten geweest waarop Ceizer dacht: dit wordt niks. ‘Dan zat ik op mijn matrasje in de banlieue en dacht ik: wie zit er hier op mij te wachten, wat ben ik in godsnaam aan het doen.’

Ceizer x Colette

Eén van zijn eerste successen is een samenwerking met het beroemde – en inmiddels gesloten – warenhuis Colette. De curator van de winkel, Sarah Andelman, benaderde hem voor een expositie. ‘Dat was voor mij een omslagpunt, want voor het eerst was mijn vrije werk, maar ook mijn streetwear en mijn kunst allemaal op één plek bij elkaar. De samenwerkingen met Colette hebben mijn aanpak en stijl gevormd. Ik ontwierp voor hun skateboards, T-shirts, caps, muurschilderingen en meer. Ineens zag ik: het maakt niet zoveel uit wat ik maak, het past allemaal onder de vlag Ceizer.’

Zijn link met Colette en met name met Andelman leverde hem dit jaar nog een plek op in Just Phriends, een expositie die werd gecureerd door Pharrell Williams. ‘Sarah belde me op en vroeg me of ik wilde exposeren met KAWS, Daniel Arsham, Takashi Murakami en nog meer grote namen uit de design- en kunstwereld. Ik dacht: what the fuck. Is dit een droom? Voor ik het wist stond ik tijdens de opening te proosten met Pharrell, Murakami en allemaal andere gasten tegen wie ik enorm opkijk. Het was alsof ik ín de tv stond en met al die figuren borrelde naar wie je normaal alleen van een afstandje kijkt. Het was vet om mee te maken.’

Uit het raam kijken

Anno 2023 werkt Pieter Ceizer allang niet meer alleen in zijn atelier. Zijn vaste kracht – en rots in de branding – is de persoon die ook de foto’s op deze pagina maakte: zijn vrouw. ‘Zij is de studiomanager en daarnaast is er nog een assistent. Als er nog meer extra handjes nodig zijn om een project af te ronden, dan regelt mijn vrouw die. En ze regelt ook alles rond onze website, webshop en de communicatie. En ik zit gewoon een beetje aan een tafel te tekenen en uit het raam te kijken.’

Lachend gaat hij verder: ‘Eigenlijk weet ik meestal niet eens wat ze aan het doen is. Andersom weet ze dat van mij ook niet. We werken vaak een beetje langs elkaar heen tot er een moment is waarop ze vraagt: ‘Hoe ver ben je met dit of dat?’ Dat we nu samenwerken is zo gegroeid. Eerst hielp ze me schilderen in het weekend. Dat gebeurde daarna steeds vaker en toen dachten we: is het niet tof om dit altijd te doen. Dat is nu ons leven geworden.’

Niet alleen maar vrijblijvend

Hij nuanceert daarop wel: ‘Er komt wel veel bij kijken. Het is niet alleen maar lekker leuk en vrijblijvend, het is hard werken. Maar dat we er met zijn tweeën een living van kunnen maken, is te gek. We hebben ook afgesproken dat ze haar eigen weg weer gaat zodra we merken dat het niet werkt. Maar zo lang zij haar eigen verantwoordelijkheden heeft binnen het bedrijf, en op haar eigen tijden naar het atelier komt, dan komt dat wel goed. Er is alle ruimte voor ons beiden.’

De meeste kunstenaars, of artiesten, dromen ervan om hun werk in een prestigieus museum te kunnen hangen. Zoals bijvoorbeeld het MoMA in New York. ‘Erkenning van merken en culturele instituten is supertof, maar het is niet waarvoor ik het doe. Natuurlijk zou ik twee weken moonwalken als ik een werk naast dat van Robert Indiana mag hangen in het MoMA. Maar mijn focus ligt dichter bij mezelf. Me verder ontwikkelen, mijn filosofie proberen te bezielen in mijn werk en dat uitdragen naar de mensen die daar op hun beurt door geïnspireerd raken, dat is mijn streven. Het is voor mij geen simpele optelsom van sparen tot je rijk bent en dan een Ferrari kopen. Ik zie de waarde van mijn werk meer in mijn spirit en het werk zelf. Als ik dat kan blijven ontwikkelen en daarmee via mijn werk iets kan communiceren waar mensen iets aan kunnen hebben, ben ik blij. Dat kun je niet meten. Als je aan een filosoof vraagt wat de zin is van het leven, dan kom je er ook achter dat er geen antwoord is op die vraag. Je moet blijven leren en filosoferen.’

Het Hogere Doel

Ceizer zegt dat hij de afgelopen jaren heus dingen heeft gedaan waarvan hij dacht dat het een soort doel was om dat te bereiken. ‘Vroeger wilde ik graag met Coca-Cola samenwerken. En dat heb ik uiteindelijk ook gedaan, ik heb een flesje voor ze ontworpen. Maar ja, ook dan zit je ’s avonds gewoon aan het avondeten. Eerder was ik Pieter, nu was ik Pieter die een flesje voor Coca-Cola heeft ontworpen. Het is niet dat ineens alles verandert. Het is een klein trofeetje dat je binnenhaalt.’

Als hij toch een van die trofeeën mag uitlichten, dan noemt hij het HOPE-beeld dat hij live schilderde op het Museumplein. Middenin coronatijd. ‘Het Museumplein was voor mij de plek waar alles begon en dit maakte voor mij de cirkel rond. Het werk gaat nu naar het Prinses Máxima Centrum in Utrecht. Om een positieve, vrolijke boodschap te geven aan de kinderen die dat ziekenhuis moeten bezoeken. Als het bestand blijft tegen het weer, dan doneer ik het.’

Reacties

Geef een reactie

(verplicht)

Meer

Meer van JFK